Veel kandidaten, weinig keuze

Posted by on Apr 24, 2017

Artikel Blauwdruk april 2017

Veel kandidaten, weinig keuze

Meningen in dit artikel zijn meningen van de auteur, niet noodzakelijk officiële standpunten van LVSV Leuven. (Arno Neukermans Bataillie – 05/04/2017)

 

Elf kandidaten dingen mee naar het Franse presidentschap, vijf van hen maken amper kans en halen met moeite 1% in de peilingen. Maar wie zijn ze en wat drijft hen? De affiches die ze in het land ophangen vertellen al een heel verhaal.

Nathalie Arthaud is de meest linkse van alle kandidaten, zij vertegenwoordigt Lutte Ouvrière, een communistische revolutionaire partij. Haar affiche is sober, rood met wit en bijbehorende slogan is ‘Les travailleurs n’ont pas à payer la crise du capitalisme’. In hetzelfde kamp zit Philippe Poutou van de Nouveau Parti Anticapitaliste. Hij gaat prat op zijn positie als arbeider en staker. Zijn slogan gaat ‘Nos vies, pas leurs profits!’, waarmee hij geen wij-zij verhaal uit de weg gaat. Zowel Arthaud als Poutou stellen dat de belangen van de arbeiders, werknemers en werklozen centraal moeten staan en de kapitalistische klasse van werkgevers, bankiers en politici hen uitbuiten. Hun voorstellen gaan van het afschaffen van het ontslagrecht en het openstellen van de grenzen tot de politie haar wapens ontnemen.

Jean-Luc Mélenchon is een radicaal-linkse kandidaat die een sterke populariteit geniet bij veel Fransen, zijn slogan is ‘La force du peuple’. Hij vaart een gematigdere koers en spreekt niet van revolutie, maar zijn standpunten zijn toch ook niet te onderschatten. Hij wilt uit de economische EU-verdragen stappen die de neoliberale elite oplegt, is tegen vrijhandel, wilt meer controle op kapitaalstromen en wilt hogere belastingen voor de rijken. Slachtoffer van Mélenchons populariteit is Benoit Hamon, de kandidaat van de socialisten. Hij valt openlijk het beleid van de voormalige socialistische president aan, maar krijgt zijn eigen campagne ook niet van de grond. Zijn slogan, ‘Faire battre le coeur de la France’, straalt zijn idealisme uit. Hij ijvert voor een basisinkomen dat hij zal financieren met een robottaks, een positie die velen afdoen als onuitvoerbaar, ook Mélenchon. En als zelfs iemand aan je linkerzijde een voorstel afschiet als dromerij, dan heb je wel een probleem.

Op (extreem-)rechts situeren zich vier kandidaten: Nicolas Dupont-Aignan, François Asselineau, Jacques Cheminade en Marine Le Pen. Dupont-Aignan komt op als soevereinist met zijn partij Debout la France. Hij omringt zich met vlaggen op zijn posters en heeft iets van een Le Pen light, met een minder sterk anti-migratie verhaal. Asselineau noemt zich ‘Le candidat du Frexit’ en gaat mee in anti-Amerikaanse complottheorieën. Cheminade is een vaste waarde als presidentskandidaat, hij doet immers al voor de derde keer mee. Deze verkiezingen gaat hij in met als slogan ‘Se libérer de l’occupation financière’ en stelt dat de financiële wereld ons onderdrukt, internationale instellingen de ontwikkeling verhinderen en de overheid moet investeren in grootse projecten die jobs opleveren zoals Mars koloniseren. Marine Le Pen is waarschijnlijk de meest besproken kandidaat, de nationaliste probeert te profiteren van een Trump- en Brexit-effect. Haar slogan gaat ‘Remettre la France en ordre’ en als law-and-order kandidaat wilt ze de grenzen sluiten, zwaardere straffen voor criminelen en de islamisering van Frankrijk stoppen. Ze noemt Frankrijk ‘de universiteit van het jihadisme’. Ze zal ook een Frexit-referendum organiseren. Haar economische plannen verschillen niet zo sterk van die van de radicaal-linkse Mélenchon. Ze wilt immers ook de pensioenleeftijd verlagen en een handelsbeleid voeren waarin protectionisme centraal staat.

De centrum kandidaat en grote favoriet is Emmanuel Macron. Op zijn affiches staat hij in een drukke straat en kijkt hij recht voor zich uit, hiermee straalt hij zijn kosmopolitisme en vooruitgangsstreven uit. Hij is een links-liberaal en zegt ‘La France doit être une chance pour tous’. Hij ijvert voor meer Europese integratie, meer vrijhandel, een gemengd economisch beleid, optimisme en een open samenleving. Hiermee probeert hij linkse en rechtse standpunten te integreren in zijn programma. Veel prominente leden van de PS volgen hem hierin, zodanig dat de partij dreigt uiteen te spatten. De onafhankelijke Jean Lassalle behoort ook tot het centrum en wilt het platteland als voornaamste niveau opwaarderen. Hij is trots op zijn roots als schapenherder en zal die mindset ook toepassen als president. Hij wordt gekarakteriseerd door zijn humor en zuiders accent, maar dat levert hem problemen op om serieus genomen te worden. De centrumrechtse kandidaat van Les Républicains is François Fillon. Hij combineert een economisch liberaal programma met radicale hervormingen en een ethisch conservatisme. Zo is hij tegen de volledige adoptie voor homokoppels en positioneert hij zich als praktiserend katholiek. Zijn campagne zit in het slop door de rechtszaak die tegen hem loopt. Dit tracht hij recht te zetten met een nieuwe slogan ‘Une volonté pour la France’ en door een imago te creëren van daadkrachtige doorzetter.

 

Het Franse presidentschap is een functie met nog steeds veel invloed, maar die veel van haar grandeur verloren heeft. Na 10 jaar van eerst rechts en dan weer links beleid lijken de Fransen het traditionele systeem beu. Volgens de peilingen van de laatste maanden zal geen kandidaat van de twee grote partijen, de Parti Socialiste en Les Républicains, in de tweede en beslissende ronde geraken. Het onderscheid tussen links en rechts staat ook zwaar onder druk door een nieuwe breuklijn, die tussen een open en een gesloten samenleving. Favorieten Emmanuel Macron en Marine Le Pen plaatsen zich zeer uitdrukkelijk op die lijn met de eerste als sterk pro-Europees en de tweede als anti-globalist. Puur liberalisme heeft het nooit gemakkelijk gehad in Frankrijk als ideologie. Met Macron en Fillon komen er toch een aantal principes naar boven. Bij de eerste dan vooral op het sociale vlak en de tweede op het economische vlak. Ze kunnen beiden nog wat van elkaar leren. Alleszins zal de volgende president(e) van Frankrijk een serieuze opdracht wachten om het vertrouwen van de Fransen in de politiek terug te winnen, de economie uit het slop te halen en Frankrijk internationaal op de kaart te zetten.