Het Liberaal Vlaams Studentenverbond Leuven bestaat sinds 1972, een stuk minder lang dan de afdelingen uit andere studentensteden, maar nu meer levendig, en groeiend, dan ooit. LVSV-Gent werd als eerste opgericht in 1930. Daarna volgden LVSV-Brussel in 1937 en LVSV-Antwerpen in 1939. De katholieke wortels van de Leuvense studentenstad verklaren waarom LVSV-Leuven pas in 1972 ontstond.

In de negentiende eeuw waren er al liberale studenten in België. Voor zover bekend waren die niet in het katholieke Leuven terug te vinden, maar wel onder meer aan de Université Libre de Bruxelles. Aan verschillende universiteiten bestonden toen kringen die slechts weinig contact met elkaar onderhielden. Pas in 1899 vond het eerste congres van liberale studenten plaats te Brussel. Vijf jaar later, in 1904, kwam er een duurzamere koepelorganisatie tot stand: het Belgisch Liberaal Studentenverbond.

Aanvankelijk was de liberale studentenbeweging voornamelijk Franstalig. Het LVSV is opgericht om de Vlaamse bewustwording te versterken. Zo was het LVSV-Gent de tegenhanger van de Franstalige Société Générale des Etudiants Libéraux. Nadat het zich in 1932 officieel aansloot bij het Liberaal Vlaams Verbond (LVV) kreeg het een niet te onderschatten invloed op het Vlaams Liberalisme. Het werd al vlug de verzamelplaats voor jonge, vlaamsgezinde en liberale intellectuelen die niet veel later een succesvolle carrière zouden uitbouwen in de liberale familie. Tot de eerste generatie prominenten die hun prille politieke stappen in het LVSV hebben gezet, behoren o.a. Albert Maertens, Karel Poma en Herman Vanderpoorten.

De gehele liberale zuil was van W.O. I tot 1961 klein maar vrijzinnig. Met de oprichting van de PVV in dat jaar werd gepoogd de zuil te verbreden naar niet-vrijzinnigen. Samen met deze evolutie moet ook de oprichting van het LVSV-Leuven gezien worden op 29 december 1972. Van bij het begin was deze organisatie uitdrukkelijk niet-levensbeschouwelijk en uiteraard pro-Vlaams.

De oprichting van het LVSV-Leuven was in die tijd een moedige daad. Niet alleen kreeg het immers tegenstand van de overheersende socialistische retoriek bij de studenten en was de universiteit toen een onderdeel van de CVP-zuil, maar ook de te Vlaamse inslag van het LVSV werd niet door iedereen binnen de liberale zuil gesmaakt.

Reeds in het begin van het academiejaar 1971-72 had het Belgisch Liberaal Studentenverbond geprobeerd voet aan wal te krijgen in Leuven. Het BLSV werd in 1974 geregionaliseerd tot Féderation des Etudiants Liberaux (FEL) en Liberaal Studentenverbond (LSV), wat in 1979 LVSV Nationaal werd. Op dat moment bestaat het BLSV niet meer. Bij monde van pedagogisch raadgever Eric De Ville sprokkelde het BLSV vanaf oktober 1971 liberale studenten die bereid waren de liberale ideologie in Leuven te ondersteunen en uit te breiden. Aanvankelijk vlotte het goed want in november 1971 kwamen drie studenten (met name Vik Meeusen, Wim Stragier en Robert Cop) samen om de oprichting van een LVSV-afdeling in Leuven voor te bereiden. Maar daar bleef het dan ook bij. In januari 1972 meldde Robert Cop aan het BLSV dat “alles heel moeizaam verloopt omdat er in Leuven enorme vooroordelen bestaan die een liberale opvatting automatisch afweren”.

Toch bestond er reeds een bescheiden werking van het op te richten LVSV-Leuven want het Nationaal Congres van het BLSV, dat plaatsvond op 29 januari 1972, had de eer en het genoegen een delegatie uit Leuven te ontvangen. Hoe omvangrijk die was, is echter een raadsel.

Uiteindelijk waren het de PVV-jongeren van Leuven die onder voorzitterschap van Jozef Van Assche de definitieve stap hebben gezet en LVSV-Leuven op 29 december 1972 boven de doopvont hielden. Onder andere toenmalig BLSV-voorzitter Dieudonné was van de partij, alsook Leuvens PVV-volksvertegenwoordiger Sprockeels, die later echter verweten werd het LVSV in zijn stad te dwarsbomen omwille van zijn uitgesproken Belgicisme.

In de eerste jaren liep het niet van een leien dakje. De eerste voorzitter, Jean-Pierre Vanderwaeren, nam reeds vroeg ontslag wegens studieredenen en zijn opvolger, Leopold Hendrickx, kende naar eigen zeggen serieuze tegenkanting van de universiteit en andere politieke studentenverenigingen, zoals AMADA. Hoe die tegenkanting er concreet uitzag kon jammer genoeg niet achterhaald worden. Ook intern waren er problemen. Om het met Hendrickx’ woorden te zeggen: “De samenwerking laat vaak veel te wensen over en de zeldzame vergaderingen kenmerken zich door een beschamend hoog absenteïsme”. Het ging zelfs zo ver dat in het begin van het academiejaar 1977-78 onder impuls van nationaal voorzitter Patrick Dewael gesproken werd van de heroprichting van het nog officieel bestaande LVSV-Leuven om “uit de impasse te geraken”.

In 1977 ontluikt LVSV-Leuven dan eindelijk definitief. Mensen zoals Christian Vandewal en Patrick Schreurs wezen de weg. Hun werk werd voortgezet door Mark Dispersyn onder wiens voorzitterschap het Liberalisme in Leuven en op nationaal niveau een ware expansie kende. Ook onder het voorzitterschap van Ludo Deklerck beleefde het LVSV-Leuven een welvarende periode. Het ledenaantal steeg tot 160 en er waren tal van activiteiten: debatten, cantussen, voordrachten, kaderdagen en fuiven. LVSV-Leuven kreeg echter te maken met interne strubbelingen, met onder andere kritiek op voorzitter Tony Groven, wat de werking enigszins geschaad heeft. Enkele dissidenten werden zelfs bestraft met “uitsluiting voor het leven”. Onder de naam “Forum Internationaal” werden echter activiteiten georganiseerd door diegenen die zich ver hielden van de interne rivaliteit. In 1984 was het LVSV onder Hugo Lamon weer de oude.

Eind jaren ’80 was het LVSV echter weer minder actief. Maar opnieuw keerde het tij, en ditmaal voorgoed, want sinds de jaren ’90 kende het LVSV-Leuven een zeer levendig en bloeiend bestaan. Johan Hanssens en Wim Van Rossen zijn vertrouwde namen en succesvolle voorzitters in het begin van die periode, maar tot op de dag van vandaag volgen de hoogtepunten elkaar op. Ook werd toen de traditie van de Blauwe Maandagen aangevat, een concept waarbij op maandagavond telkens een voordracht wordt gegeven in de zaal boven Brasserie Notre Dame. Nagenoeg elke politicus met enige betekenis in Vlaanderen is er al eens komen spreken.

Tevens werd in die periode jaarlijks een openingsdebat georganiseerd dat 700, 800, tot zelfs 900 toeschouwers wist te lokken. Sinds drie jaar is met het invoeren van het semestersysteem in Leuven ook het politiek duel een klassieker geworden, maar ook cantussen, café- en parlementsbezoeken vinden regelmatig plaats. Regelmatig werd ook de nationale media gehaald, waarbij zowel kranten als televisie activiteiten van het LVSV-Leuven versloegen.

Regelmatig werd er kritiek geuit op de keuze van de gastsprekers. Politici van extreemrechts worden – hoewel zij veel volk trekken – veelal niet gesmaakt door geïsoleerde groepen. Het LVSV-Leuven heeft er echter altijd op vertrouwd dat door discussie elke niet-liberale mening weerlegd kan worden.

Waar het LVSV-Leuven nog talrijke socialistische politieke studentenverenigingen in Leuven moest gadeslaan in de jaren ’80 en zelfs ’90, zijn die op dit moment nagenoeg van het toneel verdwenen. Socialisme is op dit moment onder studenten een verwerpelijk idee. Het is ooit anders geweest. Ook christen-democratische, Vlaams-nationalistische en extreemrechtse studentenverenigingen kennen mindere tijden.

LVSV-Leuven heeft in het kader van LVSV-nationaal de fakkel overgenomen als actiefste afdeling. Er is een groot enthousiasme om de liberale stem luider te laten weerklinken op VLD-congressen. Nadat de corrupte vzw-structuur van Nationaal midden de jaren ’90 opgedoekt werd en de subsidies stopten, stokte ook de werking van Nationaal. De laatste jaren echter is Nationaal onder impuls van LVSV-Leuven weer zeer actief, en staat het LVSV er weer op de congressen van de liberale partij. Bovendien werd in het academiejaar 2002-03 onder impuls van de Leuvense nationaal voorzitter Frank Beckx de afdeling in Brussel nieuw leven ingeblazen.

Kenmerkend voor het LVSV-Leuven is dat het nooit samengesteld geweest is door stamboomliberalen . Anders ging je immers niet naar een Katholieke universiteit. Diegenen die in het LVSV-Leuven zaten, waren integendeel altijd echte ideologisch overtuigde liberalen. Zij waren niet de verdedigers van de macht van de liberale zuil, maar wel van een beperkte staat, als er al een staat moest zijn. Het LVSV-Leuven is in feite in haar dertigjarige geschiedenis steeds een verzamelplaats geweest van liberalen, libertariërs en zelfs liberaal-anarchisten. De ideeën van Hayek en Friedman waren de hunnen. Na zijn studententijd begon een bestuurslid zelfs een liberaal-anarchistische éénmanspartij, evenwel zonder groot electoraal succes. De maatschappelijke common sense is onmiskenbaar in de richting van de Leuvense liberale studenten opgeschoven. In die zin was en is het LVSV-Leuven haar tijd vooruit. Van een lichtpunt in de collectivistische duisternis in de jaren ’80 is het LVSV-Leuven nu de meest actieve politieke studentenvereniging in Leuven en zelfs in Vlaanderen.