Teksten
In three weeks time, the next EU elections are set to take place. The final countdown has begun. Time for New Libertas editor Vincent De Roeck to sit down with ELDR chairwoman Annemie Neyts MEP and ALDE group leader Graham Watson MEP for a double interview in Brussels on the issues that really matter in this campaign. An impression.
Op 28 en 29 april werd uiteindelijk na vele maanden procedureslag de verkoop van Fortis aan BNP Paribas door de aandeelhoudersvergadering van Fortis Holding goedgekeurd. Volgens velen betekent dit nu het eindpunt. Hierna zal al de energie in de integratie van Fortis in BNP Paribas kunnen gestoken worden. Volgens de regering is deze deal “in het belang van hun personeelsleden, hun klanten, hun aandeelhouders en het is ook in het belang van ons land.” Hier moeten toch wel grote bedenkingen worden geuit. De geringe voordelen die hieruit voorkomen zijn enkel op de korte termijn gericht. De ad-hoc maatregelen die de laatste maanden genomen zijn om ons uit de crisis te loodsen zullen de toekomst van ons land ernstig hypothekeren. De laatste maanden zijn er op verschillende vlakken maatregelen genomen om de economische crisis tegen te gaan. Men doet aan ‘deficit spending’. Daarnaast wordt er geld gestoken in verlieslatende sectoren waarvan het voortbestaan in ons land niet kan worden gegarandeerd. Ik zal dieper ingaan op de precieze maatregelen die er genomen werden om de Fortisbank te redden.
Volgens het volkenrechtelijk principe “in foro interno, in foro externo”, oefenen de Belgische deelstaten hun bevoegdheden op internationaal niveau uit. Dit is een correct gevolg van de opeenvolgende staatshervormingen. Door nationalistische gevoelens gedreven, zijn de deelstaatregeringen echter begonnen, op kosten van de belastingbetaler, met echte “ambassades” te openen in verschillende landen.
De hedendaagse anti-rokersbeweging werkt uitermate professioneel en is de laatste jaren verworden tot een heuse onderneming waarin honderden miljoenen omgaan. Het overgrote deel van dat budget wordt op de overheid en de farmaceutische industrie verhaald. De recente geschiedenis van de anti-rokersbeweging toont aan hoe kleine belangengroepen voor niet-rokers uitgegroeid zijn tot gigantische parastatelijke structuren die het roken overal gewoon willen verbieden. Het is eveneens bevreemdend te moeten vaststellen dat de overheid ongestoord blijft vasthouden aan de illusie alsof de recente kruistocht tegen rokers op massale grassroots-steun onder de bevolking kan rekenen. Uiteindelijk is het de kruisbestuiving van gesubsidieerde staatsorganismen en winst nastrevende farmamultinationals die de anti-rokersbeweging zo almachtig gemaakt heeft. En om deze positie te bestendigen, is dit monsterverbond tot alles bereid. De courante praktijk van “astro-turfing” past ook gewoon in dat plaatje.
Na elke economische crisis worden er schuldigen aangewezen, en na elke crisis blijkt de grote schuldige het kapitalisme te zijn. Zo beschreef de econoom Joseph Schumpeter het: “Capitalism stands its trial before judges who have the sentence of death in their pockets. They are going to pass it, whatever the defense they may hear; the only success a victorious defense can possibly produce is a change in the indictment.” Of de aanklacht nu hebzucht, deregulatie of de wispelturige “animal spirits” van vrije investeerders zijn, heeft weinig belang, de doodstraf wacht het kapitalisme in ieder geval. Ondanks het feit dat de overheidsuitgaven rond 50% van het BBP bedragen, vakbonden boven de wet staan, de interestvoet gemanipuleerd wordt door centrale banken, de productie van regelgeving hallucinant is, 1 op 3 werknemers bij de overheid werkt, … en we onze economie dus moeilijk als zuiver kapitalisme kunnen zien, blijft het ongehoord om te onderzoeken of er eventueel ook socialistische maatregelen of instellingen enige rol gespeeld zouden hebben in de ons al eeuwen bekende sequentie van boom en bust.
Het mag misschien als een cliché overkomen, maar het is een feit dat een politieke studentenvereniging als het LVSV staat of valt met zijn ideologische overtuiging. Ook voor mij is dat natuurlijk één van de belangrijkste fundamenten van onze organisatie. Net zoals zovele andere LVSV’ers beschouw ik mezelf als een klassiek-liberaal student en geloof ik dat deze ideologie niet enkel de beste is, maar ook de enige écht noodzakelijke. Alle andere gangbare politieke overtuigingen – het woord “ideologie” zou ons te ver leiden – gaan immers uit van een sterke staat, van strikte regels en van een geloof in de maakbaarheid van de mens. Als liberalen verwerpen wij deze collectivistische gedachte en ijveren wij voor een maatschappelijk model dat gestoeld is op het weerbaar individu en op de drie basiswaarden van het liberalisme, zijnde het individueel recht op zelfbeschikking over zijn eigen lichaam en leven (“life”), het primaat van de individuele keuzevrijheid (“liberty”) en het absolute recht op privaat eigendom zonder hetwelk woorden als vrijheid of zelfbeschikking maar lege dozen zijn (“property”). In navolging van Thomas Jefferson durven sommigen hier zeker ook nog een vierde waarde bij betrekken die alles overstijgt, en dat is de “pursuit of happiness”, het streven naar geluk. Wij zijn er rotsvast van overtuigd dat geluk, ofschoon onmeetbaar, de drijfveer is van elk individu en dat “life”, “liberty” en “property” de drie beste garanties zijn om het individu toe te laten zijn eigen leven vorm te geven, zijn eigen geluk te bewerkstelligen, en zijn eigen dromen na te jagen.
De uitgaven van de sociale zekerheid wegen zwaar op de overheidsfinanciën. De nakende vergrijzing gaat die druk alleen maar verhogen. Daarom ijvert Open Vld voor een beperking in de tijd van de werkloosheidsuitkering. Een hervorming van het OCMW dringt zich dan ook op. Kernwoorden zijn kostenbesparing en activering van leefloontrekkers.





