LVSV Leuven
Over Diversiteit
8 mei 2017

Dit artikel werd geschreven door ondervoorzitter Dries De Maesschalck. Meningen geuit in dit stuk zijn strikt persoonlijk en reflecteren niet noodzakelijk de visie van onze vereniging.

De campagne voor de rectorverkiezingen draait aan onze Alma Mater ondertussen volop, en dat brengt een aantal interessante punten aan het licht. Volgens Luc Sels is onze universiteit “te wit en te blank” en geen afspiegeling van de samenleving, en in het programma van Rik Torfs zoeken naar het woord “diversiteit” levert een slordige 70 hits op -hoewel ongeveer de helft hiervan te maken heeft met diversiteit van onderzoeksdomeinen, e.d.-. Diversiteit lijkt één van de meer belangrijke punten van beide kandidaten te zijn, hoewel ze het er volledig over eens lijken: we hebben meer diversiteit nodig aan de universiteit. Helaas falen beide kandidaten om duidelijk te maken waarom dit voor de universiteit zo belangrijk is, en hebben geen van beiden echt een visie op hoe die diversiteit dan bereikt zou moeten worden. Ook geven beide kandidaten weinig informatie over wat ze juist verstaan onder diversiteit, wanneer vinden we dat onze studentenpopulatie voldoende divers is?

Diversiteit wordt al jaren verdedigd omdat er zogezegd vele voordelen zouden zijn als westerse studenten meer zouden omgaan met studenten met een andere culturele achtergrond, andere gewoontes en gebruiken, die andere ervaringen gehad hebben, en andere prioriteiten in het leven hebben. De kritiek van Luc Sels dat de universiteit geen afspiegeling is van onze diverse samenleving lijkt mij eerder vreemd. Hij lijkt daarmee te zeggen dat dat wel het geval zou moeten zijn, met andere woorden, hij wil dat jongeren met een andere culturele achtergrond, andere gewoontes en gebruiken, die andere ervaringen gehad hebben, en andere prioriteiten in het leven hebben, in dezelfde mate dezelfde keuzes zouden maken als westerse jongeren. Als dat het geval zou zijn lijkt het mij onwaarschijnlijk dat de universiteit daardoor veel diverser zal worden (welke kleur ze ook mogen hebben), en zou ik zelfs durven stellen dat die jongeren eerder goed geïntegreerd zijn.

Dat beide kandidaten geen visie hebben op hoe die diversiteit bereikt moet worden lijkt mij eerder geruststellend. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld werkt men om diversiteit te bereiken aan universiteiten met een systeem waarbij men voorkeur geeft aan studenten met een andere achtergrond om toegelaten te worden tot de universiteit. Ik hoop dat ze deze eenvoudige methode niet als een optie zien, recent onderzoek toont namelijk aan dat de schade veroorzaakt door het ‘verkeerd matchen’ van studenten door ze toe te laten aan, of aan te zuigen naar, de universiteit enkel en alleen omwille van hun ras groter is dan de voordelen die men uit de verkregen diversiteit kan halen [1]. Men gaat er dan ook nog eens van uit dat diversiteit er enkel komt door personen van verschillende rassen bij elkaar te zetten, alsof iedereen van een bepaald ras min of meer hetzelfde is en dat we daardoor maar wat moeten mixen.

Helaas lijkt niemand, met behulp van empirische vaststellingen, enig bewijs te geven van de voordelen van diversiteit, of wordt er zelfs maar naar gevraagd. Met andere woorden, iedereen gaat er maar vanuit dat het wel zo is. Men zou nochtans denken dat als die voordelen van diversiteit die men claimt ook waar zijn alle voorstanders van diversiteit, waaronder onze twee kandidaat-rectoren, ondertussen stonden te schermen met een hoop wetenschappelijke papers waaruit blijkt dat die voordelen er ook werkelijk zijn. Gezien dat niet het geval is, is de auteur dan maar zelf op zoek gegaan naar wetenschappelijke studies over dit onderwerp, en dat leek niet zo eenvoudig. Er blijkt namelijk dat er niet zo geweldig veel onderzoek naar gedaan is in de eerste plaats. Het weinige onderzoek dat gedaan is, is niet in staat om de vele voordelen van diversiteit te bevestigen [2]of om veel effecten van diversiteit te vinden [3]. Hoewel er wel consensus lijkt te zijn dat “affermative action” om diversiteit te bereiken schade kan toebrengen.

Ik heb niets tegen diversiteit aan een universiteit, of eender welk instituut (of zelfs de samenleving in het algemeen) maar het lijkt mij niet opportuun om diversiteit actief na te streven. Als zoiets spontaan tot stand komt dienen we dat niet tegen te werken, maar met het actief na te streven zouden we ons in de eigen voet kunnen schieten. Overigens is de universiteit een instelling voor wetenschappelijk onderzoek, het zou jammer zijn moest er tijd en geld gaan naar het nastreven van een politiek correcte toestand van de studentenpopulatie dat anders aan wetenschappelijk onderzoek was besteed (of bepaalde onderwijsrichtingen die nu niet voldoende geld hebben om te kunnen blijven verder bestaan).

[1] Peter Arcidiacono, Esteban M. Aucejo, and Ken Spenner, “What Happens After Enrollment? An Analysis of the Time Path of Racial Differences in GPA and Major Choice,” June 2, 2011, http://public.econ.duke.edu/~psarcidi/grades_4.0.pdf.

[2] Arcidiacono, P., & Vigdor, J. (2009). Does the river spill over? Estimating the economic returns to attending a racially diverse college. Economic Inquiry, 48(3), 537–557.

[3] Serge Herzog, “Diversity and Educational Benefits: Moving Beyond Self-Reported Questionnaire Data,” Education Working Paper Archive, University of Arkansas, Department of Education Reform, November 19, 2007, abstract, http://www.uark.edu/ua/der/EWPA/Research/Achievement/1799.html.

Veel kandidaten, weinig keuze
24 april 2017

Artikel Blauwdruk april 2017

Veel kandidaten, weinig keuze

Meningen in dit artikel zijn meningen van de auteur, niet noodzakelijk officiële standpunten van LVSV Leuven. (Arno Neukermans Bataillie – 05/04/2017)

 

Elf kandidaten dingen mee naar het Franse presidentschap, vijf van hen maken amper kans en halen met moeite 1% in de peilingen. Maar wie zijn ze en wat drijft hen? De affiches die ze in het land ophangen vertellen al een heel verhaal.

Nathalie Arthaud is de meest linkse van alle kandidaten, zij vertegenwoordigt Lutte Ouvrière, een communistische revolutionaire partij. Haar affiche is sober, rood met wit en bijbehorende slogan is ‘Les travailleurs n’ont pas à payer la crise du capitalisme’. In hetzelfde kamp zit Philippe Poutou van de Nouveau Parti Anticapitaliste. Hij gaat prat op zijn positie als arbeider en staker. Zijn slogan gaat ‘Nos vies, pas leurs profits!’, waarmee hij geen wij-zij verhaal uit de weg gaat. Zowel Arthaud als Poutou stellen dat de belangen van de arbeiders, werknemers en werklozen centraal moeten staan en de kapitalistische klasse van werkgevers, bankiers en politici hen uitbuiten. Hun voorstellen gaan van het afschaffen van het ontslagrecht en het openstellen van de grenzen tot de politie haar wapens ontnemen.

Jean-Luc Mélenchon is een radicaal-linkse kandidaat die een sterke populariteit geniet bij veel Fransen, zijn slogan is ‘La force du peuple’. Hij vaart een gematigdere koers en spreekt niet van revolutie, maar zijn standpunten zijn toch ook niet te onderschatten. Hij wilt uit de economische EU-verdragen stappen die de neoliberale elite oplegt, is tegen vrijhandel, wilt meer controle op kapitaalstromen en wilt hogere belastingen voor de rijken. Slachtoffer van Mélenchons populariteit is Benoit Hamon, de kandidaat van de socialisten. Hij valt openlijk het beleid van de voormalige socialistische president aan, maar krijgt zijn eigen campagne ook niet van de grond. Zijn slogan, ‘Faire battre le coeur de la France’, straalt zijn idealisme uit. Hij ijvert voor een basisinkomen dat hij zal financieren met een robottaks, een positie die velen afdoen als onuitvoerbaar, ook Mélenchon. En als zelfs iemand aan je linkerzijde een voorstel afschiet als dromerij, dan heb je wel een probleem.

Op (extreem-)rechts situeren zich vier kandidaten: Nicolas Dupont-Aignan, François Asselineau, Jacques Cheminade en Marine Le Pen. Dupont-Aignan komt op als soevereinist met zijn partij Debout la France. Hij omringt zich met vlaggen op zijn posters en heeft iets van een Le Pen light, met een minder sterk anti-migratie verhaal. Asselineau noemt zich ‘Le candidat du Frexit’ en gaat mee in anti-Amerikaanse complottheorieën. Cheminade is een vaste waarde als presidentskandidaat, hij doet immers al voor de derde keer mee. Deze verkiezingen gaat hij in met als slogan ‘Se libérer de l’occupation financière’ en stelt dat de financiële wereld ons onderdrukt, internationale instellingen de ontwikkeling verhinderen en de overheid moet investeren in grootse projecten die jobs opleveren zoals Mars koloniseren. Marine Le Pen is waarschijnlijk de meest besproken kandidaat, de nationaliste probeert te profiteren van een Trump- en Brexit-effect. Haar slogan gaat ‘Remettre la France en ordre’ en als law-and-order kandidaat wilt ze de grenzen sluiten, zwaardere straffen voor criminelen en de islamisering van Frankrijk stoppen. Ze noemt Frankrijk ‘de universiteit van het jihadisme’. Ze zal ook een Frexit-referendum organiseren. Haar economische plannen verschillen niet zo sterk van die van de radicaal-linkse Mélenchon. Ze wilt immers ook de pensioenleeftijd verlagen en een handelsbeleid voeren waarin protectionisme centraal staat.

De centrum kandidaat en grote favoriet is Emmanuel Macron. Op zijn affiches staat hij in een drukke straat en kijkt hij recht voor zich uit, hiermee straalt hij zijn kosmopolitisme en vooruitgangsstreven uit. Hij is een links-liberaal en zegt ‘La France doit être une chance pour tous’. Hij ijvert voor meer Europese integratie, meer vrijhandel, een gemengd economisch beleid, optimisme en een open samenleving. Hiermee probeert hij linkse en rechtse standpunten te integreren in zijn programma. Veel prominente leden van de PS volgen hem hierin, zodanig dat de partij dreigt uiteen te spatten. De onafhankelijke Jean Lassalle behoort ook tot het centrum en wilt het platteland als voornaamste niveau opwaarderen. Hij is trots op zijn roots als schapenherder en zal die mindset ook toepassen als president. Hij wordt gekarakteriseerd door zijn humor en zuiders accent, maar dat levert hem problemen op om serieus genomen te worden. De centrumrechtse kandidaat van Les Républicains is François Fillon. Hij combineert een economisch liberaal programma met radicale hervormingen en een ethisch conservatisme. Zo is hij tegen de volledige adoptie voor homokoppels en positioneert hij zich als praktiserend katholiek. Zijn campagne zit in het slop door de rechtszaak die tegen hem loopt. Dit tracht hij recht te zetten met een nieuwe slogan ‘Une volonté pour la France’ en door een imago te creëren van daadkrachtige doorzetter.

 

Het Franse presidentschap is een functie met nog steeds veel invloed, maar die veel van haar grandeur verloren heeft. Na 10 jaar van eerst rechts en dan weer links beleid lijken de Fransen het traditionele systeem beu. Volgens de peilingen van de laatste maanden zal geen kandidaat van de twee grote partijen, de Parti Socialiste en Les Républicains, in de tweede en beslissende ronde geraken. Het onderscheid tussen links en rechts staat ook zwaar onder druk door een nieuwe breuklijn, die tussen een open en een gesloten samenleving. Favorieten Emmanuel Macron en Marine Le Pen plaatsen zich zeer uitdrukkelijk op die lijn met de eerste als sterk pro-Europees en de tweede als anti-globalist. Puur liberalisme heeft het nooit gemakkelijk gehad in Frankrijk als ideologie. Met Macron en Fillon komen er toch een aantal principes naar boven. Bij de eerste dan vooral op het sociale vlak en de tweede op het economische vlak. Ze kunnen beiden nog wat van elkaar leren. Alleszins zal de volgende president(e) van Frankrijk een serieuze opdracht wachten om het vertrouwen van de Fransen in de politiek terug te winnen, de economie uit het slop te halen en Frankrijk internationaal op de kaart te zetten.

 

 

 

Diner Oudledenbond LVSV Leuven
17 augustus 2016

Ook onze oudledenbond zit niet stil. Op 8 oktober zal er een diner met tafelrede plaatsvinden door staatssecretaris Philippe De Backer!

Alle info te vinden op https://www.facebook.com/events/1046222405471345/ en in onderstaande uitnodiging:

Beste oud-LVSV’ers,
Beste vrienden van de Vrijheid,
Beste sympathisanten,

Ik heb het genoegen u en uw partner uit te nodigen op het banket van de Oudledenbond van het Liberaal Vlaams Studentenverbond Leuven dat plaatsvindt op zaterdag 8 oktober 2016 om 19.00 uur te Brussel.

Op deze avond brengen wij graag de oudleden, leden en sympathisanten van het LVSV Leuven samen voor een hartelijk weerzien. Plaats van afspraak: het prestigieuze Hotel Amigo gelegen in de Vruntstraat 1, op een steenworp van de Brusselse Grote Markt.

Als spreker verwelkomen wij niemand minder dan de Staatssecretaris voor Bestrijding van de Sociale Fraude, Privacy en Noordzee en oud-LVSV’er Philippe De Backer.

Wij verwelkomen u graag vanaf 19.00 uur met een aperitief en canapés, waarna we de avond vervolgen met een gastronomisch menu.

-Coquilles Saint-Jacques met een salade van asperges-

-Tagliata van rund met rucola parmiggiano en balsamico, gratin dauphinois-

-Moelleux au chocolat met een sorbet van passievruchten-

-Koffie met mignardises-

Na het diner nodigen we u uit ons te vergezellen aan de bar (contant of bankkaart).

Inschrijven doet u door een mail te sturen naar oudledenbond@lvsvleuven.be en vóór 25 september een bedrag van 75 euro p.p. te storten op rekening BE47 0017 0329 8980. Uw inschrijving is definitief na ontvangst van uw betaling.

Hotel Amigo biedt voor LVSV-genodigden kamers aan met een exclusieve korting. Voor € 209 geniet u van een nacht in een tweepersoonskamer met ontbijt inbegrepen. Indien u hiervan gebruik wenst te maken, dient u dit bij uw inschrijving te vermelden.

Namens het bestuur van de Oudledenbond van het LVSV Leuven hoop ik u talrijk te mogen verwelkomen op deze bijzondere avond.

Met genegen liberale groeten,

Frank Beckx
Voorzitter Oudledenbond LVSV Leuven

Blauwe Maandag: Legalisatie Prostitutie
2 mei 2016

Op maandag 2 mei organiseert LVSV Leuven een tweespraak over de legalisatie van prostitutie. Daarop verwelkomen we prof. Gert Vermeulen (Universiteit Gent) voor een analyse vanuit academische criminoloog en Martine Claeyssens (Pasop) die voor haar uiteenzetting zal vertrekken vanuit de idee van hulpverlening aan de prostituees.

Wat is de beste manier om om te gaan met prostitutie? Kan repressie werken of zijn alle betrokkenen net beter af door het volledig te legaliseren? Om deze vragen te beantwoorden hebben we zowel een expert uit de academische wereld als een expert die dagelijk in contact staat met de sekswerkers.

Professor Gert Vermeulen leidt het departement voor strafrecht en criminologie aan de UGent. Daarnaast is hij directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP). Zijn onderzoek focust op georganiseerde misdaad, terrorisme, drugs beleid, mensenhandel, sexuele uitbuiting van kinderen en prostitutie.

Martine Claeyssens is de coordinator van Pasop vzw die beroepsgebonden hulpverlening op medisch, psychosociaal, administratief en juridisch vlak geven aan sekswerkers.

Zoals steeds, 20u – M. Museumcafé Leuven – Iedereen welkom – Gratis toegang.12998468_976690109047285_4185155999215249746_n

Blauwe Maandag: Common Law
11 april 2016
KRUITHOF

Maandag 18 april maken we een uitstapje naar het Engelse rechtssysteem. Professor Marc Kruithof zal een lezing geven over hetgeen we kunnen leren van het common law rechtssysteem.

Wat is common law? En belangrijker: wat kunnen we leren uit de geschiedenis en de kenmerken van niet-continentale systeem, zijn rechtersrecht en de plaats die billijkheid in dat systeem inneemt? Op deze lezing ontdekt u alvast het antwoord van professor Marc Kruithof. Nadien is er uitgebreid ruimte voorzien voor vragen van de aanwezigen.

Prof. dr. Marc Kruithof behaalde zijn licentie in zowel recht als economie aan de Universiteit Gent. Daarna studeerde aan Yale Law School waar hij een master rechten behaalde. Hierna keerde hij terug naar de Universiteit Gent waar hij aan de slag ging als assistent bij de rechtenfaculteit. Vervolgens doceerde hij verschillende vakken in het privaat recht aan de Hogeschool Gent. In 2009 behaalde hij zijn doctoraat waarna hij aan de slag ging als professor aan de rechtenfaculteit van de Universiteit Gent.

Zoals steeds, 20u – M-Café – Iedereen welkom – Gratis toegang.

KRUITHOF

Besparingsdebat (ism Libera! vzw)
21 maart 2016
PDG_HOO

PDG_HOO

Op 11 april debatteren professor Paul De Grauwe (The London School of Economics and Political Science – LSE en KU Leuven) en professor Lex Hoogduin (gewezen directeur Nederlandse Centrale Bank) over het besparings- en hervormingsbeleid. De activiteit is een samenwerking tussen LVSV Leuven en Libera! Denktank.

Tijdens de kredietcrisis werden banken met overheidsgeld rechtgehouden. In de aansluitende economische crisis liep het begrotingstekort op terwijl het BBP zakte. De schuld/BBP-ratio steeg hierdoor tot niveaus die een vertrouwenscrisis en schuldcrisis uitlokte. De gestegen rentes lieten op hun beurt de publieke financiën escaleren. De banken die de verliezen in het geval van een default niet zouden overleven, dreigden een tweede financiële crisis uit te lokken. De Europese lidstaten leenden, om dit te voorkomen, geld aan de probleemlanden in ruil voor besparingen en de ECB duwde de rentes steeds verder naar beneden. Heeft dit beleid gewerkt? Of hadden we de lidstaten en banken onbeperkt geld van de drukpers moeten geven of misschien zelfs over kop moeten laten gaan? Of bestaat er een vierde weg?

De tweespraak biedt elk van de sprekers de kans hun zienswijze in een half uur uit de doeken te doen. Nadien zullen ze hierover in debat gaan. Op het einde is er ook tijd voorzien voor vragen uit de zaal. De tweespraak start om 20u in DV 91.56 Auditorium Zeger Van Hee.

Prof. dr. Lex Hoogduin studeerde algemene economie aan de Universiteit van Groningen waarna hij doctoreerde. Na zijn studies ging hij aan de slag bij de studiedienst van De Nederlandsche Bank (centrale bank van Nederland). Daar leidde hij de studiedienst evenals de dienst voor monetair en economisch beleid en wetenschappelijk onderzoek. In 2009 werd hij directeur van de Nederlandsche Bank waar hij in 2011 ontslag nam. Hij doceert Monetaire Economie en Financiële Instituties aan de Rijksuniversiteit van Groningen en Universiteit van Amsterdam en is voorzitter van LCH.Clearnet.

Prof. dr. em. Paul De Grauwe behaalde zijn licentie in de economische wetenschappen aan de KU Leuven en doctoreerde aan de Johns Hopkins-universiteit. Nadien ging aan de slag als onderzoeker bij de EEC en het IMF en werd hij professor aan de Norwegian School of Management en de KU Leuven.Tussen 1991 en 2003 was Paul De Grauwe ook senator en volksvertegenwoordiger voor de VLD. Hij ontving o.a. de Woodrow Wilson, Prize of the European Communities en the Amex Bank Review Award. Thans is hij professor aan de London School of Economics and Political Science en gewoon hoogleraar emeritus aan de KU Leuven waar hij nog steeds internationale economie doceert.

Meer info kan u vinden op Facebook.

Artikel van de week: Hoeveel Griekse drama’s kan de Eurozone nog aan?
8 maart 2015
web-tueedcar27co1
Door Pieter Cleppe, oud-voorzitter van LVSV Leuven en vertegenwoordigt de onafhankelijke denktank Open Europe in Brussel.

Na de overwinning van Syriza in de Griekse verkiezingen, ontvangen de Europese politici de rekening voor het doorschuiven van de rekeningen sinds 2010 – toen het land voor de eerste maal ‘noodleningen’ ontving die uiteindelijk tot 240 miljard euro opliepen.
 
Wie gaat de confrontatie winnen? Syriza kan dreigen met een ‘default’, een niet-aflossen van de schuld. Dat zou de Europese belastingbetaler duur te staan kunnen komen, want private banken zijn er in geslaagd om de meeste van hun risico’s op die belastingbetaler af te wentelen, iets waarvoor we met Open Europe reeds waarschuwden toen dit gebeurde. Volgens schattingen zou Duitsland bij een Grieks faillissement nu tot 70 miljard euro schade kunnen lijden als gevolg van blootstelling aan bilaterale leningen, leningen via het Europees steunfonds EFSF en de acties van de ECB, die heel wat Grieks staatspapier bezit en ook claims op het Griekse bankensysteem heeft. Frankrijk riskeert 55 miljard euro, Nederland 15 miljard euro en ons land 9 miljard. Van de 322 miljard euro schuld moet Griekenland er maar liefst 72% betalen aan overheden, niet enkel eurolanden maar ook IMF-partners.
 
Dat zijn sterke troeven voor Syriza om schuldeisers ervan te overtuigen toch nog een nieuwe ronde miljardenleningen toe te kennen, of zelfs een ‘vrijwillige’ schuldverlichting, op dezelfde manier waarop private obligatiehouders het land ‘vrijwillig’ 100 miljard euro kwijtgescholden hebben.  
 
Aan de andere kant is het bij een Grieks faillissement echter ‘over en out’ voor socialisme in Griekenland. Het land zou het dan moeten stellen zonder noodleningen en zonder toegang voor de Griekse banken tot het goedkope geld van de ECB, om het dan snel naar de Griekse overheid door te sluizen. De Griekse rente om te kunnen lenen zou fors de hoogte in schieten. Syriza-leider Alexis Tsipras heeft bovendien snel geld nodig. Hoe snel is niet helemaal duidelijk, en het valt te verwachten dat er wel nog wat lijken uit de kast zullen vallen. Sommige topambtenaren van de eurozone beweren dat Griekenland al in maart zonder geld zit. In elk geval is tegen de zomer een grote deal nodig.
 
Naar verluidt is de Duitse bondskanselier Angela Merkel vast van zin om deze keer niet toe te geven, omdat de kost van een Griekse exit volgens haar lager zou zijn dan toegevingen doen. Dat laatste zou immers andere landen die in de problemen zitten op slechte ideeën kunnen brengen.

Toponderhandelaars waarschuwden net voor de verkiezing dat een nieuwe Griekse regering zelfs een verlenging van het huidige steun-programma zal moeten vragen, wil ze al het geld daaruit ontvangen. Dat ligt moeilijk bij Syriza, want aan een programma zitten voorwaarden.
Syriza vraagt een schuldverlichting, om de Griekse schuld, die nu hoger ligt dan 170 procent van het BBP, tot een beheersbaar niveau te brengen. Daarop toegeven is pijnlijk, ook al omdat bijvoorbeeld de regering-Leterme ooit suggereerde dat we wel eens zouden verdienen aan de Griekse noodleningen. Misschien wordt het compromis dus wel een combinatie van lagere rentevoeten op de oude leningen, zodat het hoge schuldniveau makkelijker beheersbaar is, en een nieuw miljardenpakket, wat op korte termijn goedkoper uitkomt dan schuldverlichting.
 
Het gevolg van zo’n compromis zou zijn dat er aan het onderliggende probleem opnieuw niets wordt gedaan. Griekenland slaagde er vorig jaar in om opnieuw economische groei te creëren, maar dat ging met grote buitenlandse begrotingssteun gepaard en was na jaren van pijnlijke economische krimp, wat een groot deel teniet deed van de kunstmatige economische ontwikkeling als gevolg van de ECB-kapitaalsstroom naar het Griekse bankensysteem. Niet echt een duurzaam ontwikkelingsmodel. Kan dat blijven duren enkel en alleen omdat het alternatief op korte termijn erger is?
 
Dat alternatief is immers dat er geen akkoord uit de bus komt en dat Griekenland de eurozone verlaat, wat gepaard zou gaan met een faillissement, grote verliezen voor de andere eurolidstaten en het begin van een enorme speculatie over wat het volgende land zou kunnen zijn. Al is er ook een volgens sommigen minder pijnlijk alternatief: dat van een uitstap van de sterkere landen, zodat zwakkere landen eindelijk een echte devaluatie van de munt kunnen uitvoeren en hun excessieve schulden niet opeens in een vreemde, sterkere munt dienen terug te betalen. Misschient wint Syriza het pleit deze keer wel omwille van de vrees voor verandering, maar hoeveel Griekse drama’s kan de eurozone nog verdragen voor echte alternatieven worden overwogen? Het is geen toeval dat de anti-euro-partij in Duitsland de naam ‘Alternative für Deutschland’ draagt. Van voormalig Nederlands Minister van Financiën Jan Kees de Jager weten we ondertussen dat niet enkel Nederland een plan klaar had om de eigen munt terug in te voeren drie jaar geleden, maar dat ook Duitsland bij die voorbereiding was betrokken.
 

Deze tekst vertolkt uitsluitend de mening van de auteur, en niet die van LVSV Leuven.

« Vorige items